|
|
 |
 |
AEGON AMERIKA (AEGON USA EN AEGON CANADA)
WINST VOOR BELASTINGEN
De winst voor belastingen bedroeg USD 1.740 miljoen, hetgeen een stijging betekende van USD 598 miljoen (52%) ten opzichte van 2002. Deze stijging was vooral het gevolg van de lagere dotatie aan de voorziening voor toekomstige verliezen op bedrijfsobligaties (USD 258 miljoen), een lagere versnelde afschrijving van overlopende acquisitiekosten van variabele annuities (USD 314 miljoen), alsmede lagere dotaties aan de voorzieningen voor gegarandeerde minimumuitkeringen (USD 243 miljoen). De winst voor belastingen bevatte tevens diverse eenmalige baten, te weten de afwikkeling van een schadeclaim met betrekking tot eigen vastgoed (USD 54 miljoen), de vrijval van een voorziening betreffende onroerend goed (USD 36 miljoen) en rentebaten met betrekking tot gerestitueerde belastingen (USD 34 miljoen). Daartegenover stonden echter lagere opbrengsten uit pensioenregelingen voor eigen medewerkers (USD 90 miljoen), een lagere indirecte opbrengst uit beleggingen in zakelijke waarden (USD 135 miljoen) en een lager rendement uit vastrentende beleggingen (USD 91 miljoen).
De traditionele levenproducten zorgden voor een winst voor belastingen van USD 724 miljoen, hetgeen 11% lager was dan in 2002. Deze daling was het gevolg van een lager rendement op vastrentende beleggingen, lagere indirecte beleggingsopbrengsten en lagere opbrengsten uit pensioenregelingen voor eigen medewerkers. Deze negatieve elementen werden deels gecompenseerd door lagere verliezen op vastrentende waardepapieren, door de eenmalige baten uit de afwikkeling van een schadeclaim met betrekking tot eigen vastgoed en de hiervoor beschreven vrijval van een voorziening op onroerend goed.
De winst voor belastingen uit vaste annuities van USD 378 miljoen betekende een stijging van 129% in vergelijking met 2002. Het positieve effect van lagere verliezen op beleggingen in 2003 werd deels tenietgedaan door de daling van de indirecte beleggingsopbrengsten en lagere rentemarges in vergelijking met 2002. De rentevergoeding met betrekking tot zowel bestaande als nieuwe stortingen werd in 2003 verlaagd teneinde de rentemarges te verbeteren. Dankzij de verkoop van nieuwe contracten en extra stortingen op bestaande contracten steeg het saldo van vaste annuities met 7% tot USD 45 miljard. Bij GICs en financieringsovereenkomsten was er sprake van een daling van de winst voor belastingen van 6% tot USD 241 miljoen, als gevolg van lagere indirecte beleggingsopbrengsten (USD 29 miljoen) en een krappere rentemarge. Het verbeterde kredietklimaat leidde tot een lagere dotatie aan de voorziening voor toekomstige verliezen op vastrentende waarden, hetgeen de winstdaling gedeeltelijk compenseerde. Het beheerde vermogen van GICs en financieringsovereenkomsten steeg met 5% naar USD 27 miljard, dankzij de gestegen verkopen met betrekking tot internationale financierings-overeenkomsten.
Bij levensverzekeringen voor rekening van polishouders daalde de winst voor belastingen met 23% tot USD 82 miljoen. Het hogere polisverval en iets hogere sterftecijfers waren aanleiding om de overlopende acquisitiekosten versneld af te schrijven.
Het nettoresultaat uit variabele annuities sloeg om van een verlies van USD 437 miljoen in 2002 naar een winst van USD 71 miljoen in 2003. Het saldo steeg in de loop van het jaar met 30% tot USD 42 miljard. Het resultaat uit variabele annuities over 2002 werd negatief beïnvloed met een bedrag van USD 602 miljoen als gevolg van het versneld afschrijven van overlopende acquisitiekosten en de dotatie aan de voorzieningen voor gegarandeerde minimumuitkeringen in verband met de aanhoudende malaise op de aandelenbeurzen. De verbetering in 2003 werd enigszins tenietgedaan door versnelde afschrijvingen van overlopende acquisitiekosten vanwege het hogere polisverval (USD 35 miljoen).
AEGON gaat bij zijn veronderstellingen ten aanzien van de waardegroei van aandelen op de lange termijn uit van 9% voor de Verenigde Staten en 9,5%voor Canada. Het herstel op de aandelenbeurzen in 2003 was aanleiding tot een neerwaartse bijstelling van de veronderstellingen ten aanzien van het toekomstige aandelenrendement die bij de zogenaamde reversion to the mean methodiek worden gehanteerd. Per ultimo 2003 wordt voor de aandelen in de Verenigde Staten uitgegaan van een rendement van 7,5% (voor beheers-vergoedingen) voor de eerstvolgende vijf jaar en van 9% voor de lange termijn, betrekking hebbende op een beheerd vermogen van USD 30,6 miljard. Voor wat betreft Canada zijn de vergelijkbare uitgangspunten 10,75% voor de eerste vijf jaar, gevolgd door 9,5% voor de lange termijn. Deze vooruitzichten houden verband met het relatief matige resultaat in de afgelopen jaren van Canadese gesepareerde fondsen in vergelijking met het gemiddelde rendement in de Verenigde Staten. Het beheerd vermogen in Canada waarop deze veronderstellingen betrekking hebben bedroeg USD 2,9 miljard. Genoemde veronderstellingen vormden het uitgangspunt bij het bepalen van de voorzieningen ten behoeve van de gegarandeerde uitkeringen op variabele annuities en de hoogte van de afschrijvingen op overlopende acquisitiekosten bij zowel variabele annuities als levenproducten voor rekening van polishouders.
Het resultaat voor belastingen uit vermogensbeheer, te weten een verlies van USD 19 miljoen, was slechter dan in het voorgaande jaar als gevolg van het treffen van een voorziening voor uitgestelde beloningen, welke volgens een langetermijnformule is berekend. Zowel de forse productie van synthetische GICs en beleggingsfondsen, als de gunstige ontwikkelingen op de aandelenmarkten hadden een positief effect op het resultaat.
De winst voor belastingen uit ziektekosten- en ongevallenverzekering steeg met 13% naar USD 263 miljoen, vooral als gevolg van lagere schade-uitkeringen en maatregelen ten aanzien van kostenbeheersing. Tariefsverhogingen voor een aantal ziektekostenproducten hadden een gunstig effect op het resultaat.
NETTOWINST
De nettowinst steeg in 2003 met 35% naar USD 1.239 miljoen. De effectieve belastingdruk steeg van 20% in 2002 tot 29% in 2003. In de belastingdruk 2003, hoewel hoger dan de belastingdruk in 2002, is een vrijval verwerkt van een latente belastingvoorziening voor compensabele verliezen (USD 85 miljoen). Dit effect is gecompenseerd door het vormen van additionele voorzieningen. De belastingdruk over 2002 was inclusief een verlaging van de latente belastingverplichting met USD 219 miljoen als gevolg van een gewijzigde raming naar aanleiding van additionele informatie die in dat jaar beschikbaar kwam. Deze additionele informatie maakte een nauwkeuriger berekening van de latentie over voorgaande jaren mogelijk. Daarentegen werd in 2002 een additionele voorziening van USD 129 miljoen getroffen, inclusief een waardecorrectie van USD 85 miljoen met betrekking tot verliescompensatie.
OMZET
De omzet bedroeg USD 16.792 miljoen, een stijging van 2% in vergelijking met 2002. De brutopremies voor levensverzekering stegen met 2% naar USD 6.964 miljoen. De premies voor ziektekosten- en ongevallenverzekering stegen eveneens met 2% naar USD 2.508 miljoen, terwijl de opbrengsten uit beleggingen, welke USD 6.354 miljoen bedroegen, ten opzichte van het voorgaande jaar licht stegen. Vergoedingen en provisies stegen met 16% tot USD 966 miljoen.
De koopsommen voor levenproducten voor algemene rekening daalden in 2003 met 3% naar USD 916 miljoen. Dit resultaat weerspiegelt de beëindiging halverwege het jaar van nieuwe contracten voor structured settlement producten, terwijl zich een sterke groei voordeed bij overige producten voor algemene rekening. De groei met betrekking tot contracten voor algemene rekening was met name te danken aan hogere productie via tussenpersonen en banken.
Het totaal aan koopsommen voor levensverzekeringen voor rekening van polishouders in 2003 bedroeg USD 522 miljoen, een daling van 34%, vooral als gevolg van de lage omzet van Bank-Owned Life Insurance (BOLI) en Corporate-Owned Life Insurance (COLI). Het gaat bij deze verzekeringscontracten meestal om grotere bedragen en deze contracten worden gewoonlijk niet zo frequent afgesloten als andere levenproducten. Door de aanhoudend lage rentestand staan de prijzen van deze producten onder druk, hetgeen tot een lagere omzet heeft geleid. De opbrengsten uit periodieke premies voor levensverzekeringen voor rekening van polishouders bedroegen USD 779 miljoen, een stijging van 23%, vooral dankzij verlenging van BOLI/COLI-contracten en hogere vergoedingen als gevolg van de toename van het beheerd vermogen.
De opbrengsten uit ziektekosten- en ongevallenpremies waren slechts marginaal hoger dan in 2002. Dit had te maken met de in 2003 genomen beslissing om een aantal producten voor aanvullende verzekering uit de markt te nemen, alsmede met de daling van de verkopen uit telemarketing als gevolg van nieuwe regelgeving die onder andere ongewenste telefonische verkoop verbiedt. Deze daling werd gecompenseerd door een hogere omzet uit sponsored relationships plus de voor een aantal ziektekostenproducten doorgevoerde tariefsverhogingen. De directe verkoop wordt verder ontwikkeld teneinde de beoogde doelgroepen te bereiken.
De beleggingsinkomsten ten bedrage van USD 6.354 miljoen lagen enigszins boven het niveau van het voorgaande jaar. Tegenover de portefeuillegroei, die te danken was aan de hogere verkopen van producten voor algemene rekening en het lagere polisverval, stonden lagere indirecte beleggingsopbrengsten, dalende rentevoeten en afboekingen op beleggingen. De indirecte beleggingsopbrengsten uit aandelen en vastgoed daalden in 2003 met USD 135 miljoen ten opzichte van 2002. Nieuwe geldstromen in de portefeuille, alsmede herbelegging van afgeloste obligaties tegen lagere rente, zorgden voor een lager rendement op vastrentende beleggingen. Het rendement op beleggingen met een variabele rente daalde eveneens, maar dit had geen gevolgen voor het resultaat, aangezien deze beleggingen zijn gekoppeld aan verplichtingen met eveneens een variabele rente. Ruilresultaten op verkochte obligaties ten bedrage van USD 1.141 miljoen zijn gepassiveerd in de balans en niet verantwoord in de resultatenrekening over 2003.
De vergoedingen en provisies, die in totaal USD 966 miljoen bedroegen, stegen met 16% in vergelijking met 2002. Als gevolg van de afwikkeling van een verzekeringsclaim met betrekking tot eigen onroerend goed (USD 54 miljoen) enerzijds en de vrijval van een voorziening voor onroerend goed (USD 36 miljoen) anderzijds, werd een eenmalige bate van USD 90 miljoen gerealiseerd op vastgoedbeleggingen. De toename van de vergoedingen en provisies vloeit met name voort uit hogere vergoedingen als gevolg van de toename van het beheerd vermogen.
PROVISIES EN KOSTEN
Ten opzichte van 2002 namen de provisies en kosten met 10% toe tot een bedrag van USD 3.897 miljoen. Provisies daalden in 2003 ten opzichte van 2002 als gevolg van lagere verkopen van annuities en het herstructureren van provisieregelingen. De afschrijvingen op overlopende acquisitiekosten stegen per saldo vanwege groei van de portefeuille en lagere activering. De operationele kosten bedroegen USD 1.764 miljoen en stegen met USD 90 miljoen vanwege een daling van inkomsten uit pensioenregelingen voor eigen medewerkers, de expiratie van een niet-uitgeoefende optie van een co-assurantie-overeenkomst ten bedrage van USD 27 miljoen, voorzieningen van USD 35 miljoen voor uitgestelde beloningen en extra kosten ten bedrage van USD 24 miljoen met betrekking tot overgenomen contracten van Mutual of New York op 31 december 2002.
PRODUCTIE
De productie van traditionele levenproducten (gestandaardiseerde nieuwe premies) steeg met 9% naar USD 1.076 miljoen. Dit weerspiegelt de sterke groei van productie voor algemene rekening, die ten dele teniet werd gedaan door het negatieve effect van de beëindiging in juli 2003 van de verkoopinspanningen met betrekking tot structured settlement producten. Dankzij de gezamenlijke inspanningen van de bestaande distributiekanalen en nieuwe agenten realiseerde de Agency Group een solide productie op het gebied van traditionele levensverzekeringen, universal life verzekeringen en tijdelijke levensverzekeringen.
De stortingen op vaste en variabele annuities en institutionele producten die gebaseerd zijn op een rentemarge (GICs en financieringsovereenkomsten) worden niet in de omzet meegenomen maar direct op de balans verantwoord als technische voorziening. De stortingen op vaste annuities bedroegen USD 5,2 miljard, een daling van 27% in vergelijking met 2002. Als gevolg van de lagere rentevergoeding aan polishouders en de verlaging van provisies daalde de verkoop van vaste annuities. Het aantal beëindigingen van bestaande contracten lag op het laagste niveau sinds jaren vanwege de geringe rentevergoeding op nieuwe polissen. In reactie op de lage marktrente introduceerde AEGON USA in 2003 nieuwe producten met lagere gegarandeerde jaarlijkse rentevergoedingen.
De stortingen op variabele annuities bedroegen USD 6,4 miljard, een daling van 36% ten opzichte van 2002. Deze daling heeft vooral te maken met de beëindiging van gegarandeerde minimumuitkeringen. In een poging om het productieverlies als gevolg van de beëindiging van gegarandeerde minimumuitkeringen te compenseren werd in 2003 een nieuw product met aanvullende garanties bij overlijden en leven geïntroduceerd, waarbij gebruik wordt gemaakt van actieve herallocatie van de beleggingsportefeuille.
Tot de niet in de balans opgenomen producten behoren onder meer beheerde vermogens, zoals beleggingsfondsen, collectieve beleggingstrusts en synthetische GICs. De productie van niet in de balans opgenomen beleggingen bedroeg USD 21,5 miljard, een stijging van 14% ten opzichte van 2002. De productie van beleggingsfondsen, in totaal USD 8,3 miljard, steeg met 25% dankzij een intensivering van de marketinginspanningen gericht op zogeheten wirehouse netwerken. De productie van synthetische GICs steeg met 9% naar USD 13,2 miljard. AEGON USA fungeert met betrekking tot synthetische GICs niet als vermogensbeheerder en loopt geen kredietrisico, maar ontvangt een vergoeding voor het verschaffen van liquiditeit aan instanties die uitvoering geven aan uitkeringsregelingen ingeval deze instanties niet beschikken over voldoende liquiditeit om aan deze verplichting te voldoen.
|
 |
|
 |
 |
 |
 |
 |
|
 |
Resultaten per productsoort |
 |
 |
Winst voor belastingen |
 |
 |
Winst voor belastingen levensverzekering |
 |
 |
Gestandaardiseerde nieuwe premieproductie |
 |
 |
Totaal stortingen/ productie niet op balans |
|